Van/von Langen (in opbouw)

Het geslacht van Langen (ik gebruik liever het dietse voorvoegsel van dan het duitse voorvoegsel von, omdat dat in vroeger tijden ook gebruikt werd) komt op een aantal plaatsen voor in mijn kwartieren. Zo waren Grete (Gertrude) van Langen getrouwd met Johan van Bevervoorde de ouders van Grete van Bevervoorde, moeder van Johan van Twickel (gehuwd met Jacoba van Keppel).

Daarnaast was Gertrude van Langen getrouwd met Henric Valcke te Coebbing. Zij waren de ouders van Bernd Valcke, die gehuwd was met Anna van Bar. Leneke van Langen was getrouwd (nog niet goed gecheckt) met Boldewin van Knehem, en waren de grootouders van Fye van Knehem, die (met haar man Herman van Bar) vermoedelijk de ouders waren van Anna van Bar (zie hiervoor). Verder wordt Jutta van Langen genoemd als echtgenote van Herman van Almelo.

Een nader onderzoek naar deze van Langen's en hun onderlinge betrekkingen is daarom gewenst, maar dat is geen gemakkelijke taak, omdat de naam van Langen nogal wijd verbreid was in Westfalen.

Grete van Langen is direct al lastig. Een belangrijke rol moeten wel vernoemingsregels spelen. Uit het huwelijk van Johan van Bevervoorde en Grete van Langen werden geboren:

1. Grete van Bevervoorde
2. Gerd van Bevervoorde
3. Bernt van Bevervoorde
4. Rudolf van Bevervoorde
5. Jutte van Bevervoorde
6. Johan van Bevervoorde (+ voor 1467)
 

Laten we eerst eens Grete van Bevervoorde onder de loep nemen. Zij wordt in onderstaande acte genoemd, omdat zij identiek is aan Grete, echte wijf van Herman van Twickel, de jonge. Johan van Bevervoorde en diens vrouw Grete, met hun kinderen (waaraan Johan ontbreekt, omdat die vermoedelijk dan al overleden is) verkopen enkele tienden aan Herman van Twickelo. We zien hier dat de vrouw van Johan van Bevervoorde Grete wordt genoemd, maar zij komt ook voor als Gertrude.

1410 24 juli (des vrydaghes na sunte Mathies dach des heylighen apostels)
Ic Herman van Twicloe de junge, Grete sijn echte wijf doet kundich allen luden myt dissen openen breve, dat Johan van Berverde Gheerdes soen, Grete sijn echte wijf, Gheerd, Beernt, Rolef ende Jutte oer twyer kinder ende voert al oer ervende moghen alle jaer op sunte Peters dach ad cathedram, achte daghe voer of achte daghe na, wederkopen van ons ende van onsen ervenden den tenden grof en smal over Gosens huys ten Overhuys, den tenden grof ende smal over Lubberthuys te Hermanninc toe Overhuzen ... voer een ende viftich Volmersche mark pennyngen, als te Munster in der stat ghenge ende gheve zijn, of ghelijc payment daer vor. Ghegheven int jaer ons heren dusent vierhondert ende tiene des vrydaghes na sunte Mathies dach des heyligen apostels.
Sigillum Hermanni de Twyckelo (De Heerlijkheid Bevervorde/Beverförde in Twente, Uitg. Stichting de Krans, 2005)

Dat Grete van Bevervoorde een dochter was van Johan van Bevervoorde en Grete van Langen blijkt uit de huwelijkse voorwaarden, die opgemaakt zijn op 28 december 1408, waarin  staat "Johan van Bevervoorde, Gherdes zoon en Grete, sin echte wijff....., dat wij hebben gegeven Hermanne van Twiclo den jungen Grete, onse dochter, tot eynen echten wive...'.

Daarmee is overtuigend duidelijk, dat Johan van Bevervoorde en Grete de ouders waren van Grete van Bevervoorde. In 1398 wordt Grete al genoemd in een acte van hetzelfde echtpaar, als zij enkele mudden roggen verkopen aan Johan van Beveren. Dat zou kunnen betekenen, dat Grete hun oudste kind was, anders waren ongetwijfeld zonen genoemd in deze acte.

In Havezaten van Twente en hun Bewoners, 1995 door AJ Gevers en AJ Mensema, wordt op pag. 136 gezegd, dat Johan van Bevervoorde gehuwd met Geertruid van Langen in 1400 beleend werd met het goed Baeckenhagen, dat wellicht als huwelijksgift werd gegeven , want de afstand van dit goed werd gedaan "in hoeren brieven", dus volgens een overeenkomst door haar vader Bernd van Langen en diens vrouw Geertruid.
Vervolgens zeggen zij dat het leen, na het overlijden van Johan van Bevervoorde in 1410, in 1411 overging op de minderjarige zoon Geert, en na diens overlijden korte tijd later op diens broer Berend, die trouwde met Elisabeth van Oer, dochter van Diederick van Oer tot Kakesbeke en Catharina Korff genoemd Smissinck. Na hen werd hun zoon Johan van Bevervoorde beleend in 1474, en nadien diens zoon Rudolf van Bevervoorde, die in 1428 als student te Rostock werd ingeschreven, in 1430 zijn baccalaureaat haalde, in 1447 kastelein werd van Lage en in 1449 ambtman van Twente, in 1460 raadsman van de bisschop van Utrecht, in 1470 kastelein, schout en rentmeester van Twente, + 1491.

Gevers en Mensema noemen Grete dus al direct Geertruid van Langen. Dat Grete, echte wijf van Johan van Bevervoorde een dochter is van Bernd van Langen staat nergens met zoveel woorden. Maar uit de beleningen blijkt dat wel, bijvoorbeeld:

Dat guet toe Hemminch mit den Kote toe Ypeloe, dat een borchleen is toe Ghoer, --- , als dat gelegen is in der heerschap van Ameloe.
** Vergelijk voor het "Kote toe Ypeloe" nr. 743. 1457 heeft "Almelo" in plaats van "Ameloe".
1400 apr 23 (BB fol 42)
Johan van Bevervoerde Gherytssoen na opdracht door Bernt van Langen en zijn vrouw Ghertruijt "in hoeren brieven".

1411 nov 13 (BB fol 73)
Herman van Delden na opdracht door Henric Splynter, die de Hof gekocht had van de kinderen van Johan van Bevorden, nadat "Egbert van Langen als momber der kynderen ende Herman van Twickloe, Otte en Johan van Welevelde, gebruedere, Frederic ende Herman van Twickloe die Jonge, gebruedere, meyne magen der kyndere, mynen heren dairvan in hoeren brieven gebeden hadden Heinric te belenen".

In 1411 was Herman van Twickelo overleden. Als momber voor zijn kinderen worden hierboven genoemd Egbert van Langen en anderen. Egbert van Langen is dus een nauwe verwant van Grete van Langen: hij is haar broer. Zij zijn de kinderen van Bernd van Langen en Gertrud NN.

Bernd van Langen, Drost in Rheine wordt een aantal maal genoemd met zijn vrouw en dochter Gertrude:

20 dec. 1371
Bernd van Langen, zijn vrouw Gertrud en hun dochter Gertrud verkopen aan Bernd graaf van Bentheim de erven Bennekinck, Rothgerinck, Hubboldinch en to Hare, gelegen in kspl. Delden en de erven Escherinch en Reynerinch, gelegen in kspl. Borne, Buurtschap Sinderen, als onbelaste goederen voor een al betaalde koopprijs. De goederen gaan van de bisschop van Utrecht als zutphens leen. De verkopers beloven de graaf van Bentheim in 'leenser were' te houden en op wens Weerschap te geven.
Getuigen: Arnd van Schoneveld, Johan van Munster en Floriken Voet. Gezegeld Bernd van Langen.

Van een dochter Grete van Bernd van Langen is geen sprake, maar het is waarschijnlijk, dat Gertrude 'verdietst' is tot Grete. Bernd Josef Jansen geeft de volgende gegevens van Bernd van Langen:

Bernd I von LANGEN, Knaap, Drost van Rheine, * ca. 1340, † na 1400, vermeldingen 1362-1400, 1379 drost te Rheine, verkoopt 1371 met zijn vrouw en dochter Gertrud meerdere Zutphensche leengoederen in het kerspel Delden en Borne in het Graafschap Gelre aan de Graaf van Bentheim, belooft in 1385 na een twist met het klooster Cappenberg, de vrede te bewaren, 1379/81 beleend door bisschop Potho van Münster met de grote tiende te Katenhorn bij Rheine, in 1380 beleend door de abdij Herford met het erfgoed Hardenakkenhus te Rheine, bezit 1385 het Wellinghof voor Rheine, bisschop Heidenreich van Münster verpandt hem in 1385 voor 300 Mark Pfennige, die Bernd hem ter "Einlösung des Amtes Rheine" geleend had, alle ontvangsten van de Bierpfennig van de stad Rheine, zweert in 1383 de vete tegen de stad Dortmund niet te zullen hervatten, ruilt in 1386 met het klooster Überwasser in Münster lijfeigenen in Werthe, kerspel Emsbüren, in 1400 een twist met zijn zoon Egbert tegen de Tecklenburger's.
X
Gertrud N, † na 1385, vermeldingen 1371-1385.
Uit dit huwelijk:
1. Gertrud, * ca. 1370, vermelding 1371.
2. Egbert I (zie hieronder)

Egbert I. van Langen, Knaap, geboren rond 1375, gestorven na 1423 in Huis Nyenhof te Bentlage, oork. vermeld 1400-1423, 1446 overleden, Knaap, heeft 1400 met zijn vader een twist met de Tecklenburger, 1416 en 1421 als Knaap van Edelheer Ludolf van Steinfurt beleent met de Erven Everdinck, Nyssinck, Nyenhus, het Huis te Aenden Ksp. Ryssen, Buurtschap Ense, met Lansinck Ksp. Delden, Bsch. Wolde, met Volenbrock in Ksp. Oldenzaal in de Bsch. Dolre, zoon van Bernd I. van Langen en Gertrud N.
Gehuwd met:
Jutta Budde, geboren rond 1385, gestorven na 1435, oork. vermeld 1419-1435, dochter van Johan Budde en N N
Kinderen:
1. Johan van Langen
2. Lambert van Langen
3. Bernd II. van Langen
4. Egbert II. van Langen

Het is nog aardig om even de vernoemingen te bekijken, wat altijd aan te raden is. Bij Egbert van Langen X Jutte Budde zijn zonen vernoemd naar hun beide grootvaders Johan en Bernd. Bovendien zijn veel van de beleningen van Egbert in Overijssel. Zijn dit wellicht beleningen die voortgekomen zijn uit het goederenbezit van Bartold van Langen X Gostuwe van Bevervoorde?

 

========================================
Ik ga hier nu een stuk verder terug in de tijd. Dat begint met een regest uit 1261, waarin staat:

Ridder Herman Van Langen en zijn zoon Herman, echtgenoot van Jutte van Holte, worden door Jutte's vader Herman van Holte beleend met het goed te Holte dwz met wat er over is van het kasteel te Holte (area quondam castri in Holthe).

Herman van Langen, ridder in 1261
        |
Herman van Langen
x voor 1261
Jutte van Holte

Vervolgens een belangrijk regest uit 1281, waarin staat:
'ik, ridder Herman van Langen, met toestemming van Virginia, weduwe van mijn zoon Herman, met hun erfgenamen Gerard, Lubbert, Herman, Ludolf en Jutte van Langen...'

Herman van Langen. ridder, + na 1281
        |
Herman van Langen, + voor 1281
X Virgina + na 1281
        |
Gerard................Lubbert..............Herman..............Ludolf.....................Jutte

Vervolgens onderstaand regest uit 1298:

Hier wordt gezegd, dat Lubbert, Gerhard, Herman en Ludolf van Langen, broers, een deling opstellen. Aan Gerard komt het goed Langen, de andere broers verdelen de rest, waarbij zij beloven, dat hun ooms Gerard en Ludolf van Munster, het recht hebben om daarover te mogen beschikken. Bovendien beloven Lubbert en Ludolf nog eens afzonderlijk, dat als hun kapitaal vermeerdert, hun ooms van Munster dat dan mogen gebruiken om de vermogenspositie van de andere broers van Langen te verbeteren.

In de laatste acte van 1298 worden uitdrukkelijk de beide ooms Gerard en Ludolf van Munster genoemd. Dat zijn met grote waarschijnlijkheid broers van hun (stief)moeder, en dat betekent, dat hierin genoemd worden de kinderen van Virginia van Munster en Herman van Langen, die ook genoemd worden in 1281 (in iets andere volgorde). In 1281 staat er letterlijk: ... et plena voluntate Virgine nobilis feminine relicte filii mei predicti, Gerhardi, Lutberti, Hermanni, Ludolfi et Jutte heredum eorundum...(en met volle instemming door Virginia, edele weduwe van mijn voornoemde zoon), waarna hun erfgenamen genoemd worden, en dat zijn niet noodzakelijkerwijs ook hun gezamelijke kinderen, maar kunnen ook kinderen zijn uit een eerder huwelijk.

Overigens schijnt het mij toe, dat in 1261 sprake is van een soort huwelijkscontract, waarbij Herman van Holte de belening doet aan Herman van Langen senior als een soort bruidschat voor zijn dochter Jutte gehuwd met Herman junior. Hij doet dat met toestemming van zijn zoon Ludwig van Holte, die gekozen heeft voor een bestaan als geestelijke. Dus vermoedelijk zijn Herman van Langen en Jutta van Holte rond 1260 getrouwd.

Omdat Bernd Josef Jansen op zijn website vermeldt, dat Gerhard van Langen in 1278 als knaap wordt genoemd in een akte, dan betekent dat, dat hij voor 1264 moet zijn geboren, want famulus werd je niet voor het 14de levensjaar. Dit betekent, dat Gerhard uit het huwelijk van Herman van Langen met Jutta van Holte is geboren, en omdat hij later heer van Langen wordt genoemd, was hij de oudste levende zoon in 1298. Volgens Bernd Jansen is er ook een zoon Herman van Langen geboren uit genoemd huwelijk, die vermoedelijk ouder was, en die voor 1280 is overleden:

Hermann III. von Langen, geboren um 1260, gestorben nach 1277, urk. 1277, 1280 tot, Sohn von Hermann II. von Langen und Jutta von Holte.

Gerhard I. von Langen, Herr zu Langen, geboren um 1262, gestorben nach 1329, urk. 1278-1329, 1278 Knappe, Herr zu Haus Langen, Sohn von Hermann II. von Langen und Jutta von Holte.

Ludolf von Langen, Domherr, geboren um 1265, gestorben nach 1336, urk. 1277-1336, 1294 Domherr in Münster, 1301 Domdechant Münster, 1308 Archidiakon in Bocholt, 1311 wurde ihm von Papst Clemens V. die Präpositur der Kirche St. Martini in Münster übertragen, 1314 Archidiakon in Oelde, Sohn von Hermann II. von Langen und Jutta von Holte.

Herman, Gerhard en Ludolf worden dus genoemd in oorkondes van 1277, 1278 en 1280, die mij helaas niet bekend zijn.
 

Herman van Langen, ridder in 1261
        |
Herman van Langen
x voor 1261
Jutte van Holte
        |........................................|.......................................|
Herman (+ voor 1280)           Gerhard  (* voor 1264)            Ludolf

Dan in 1281:

Herman van Langen. ridder, + na 1281
        |
Herman van Langen, + voor 1281
X Virgina + na 1281
        |
Gerard................Lubbert..............Herman..............Ludolf.....................Jutte (ERFGENAMEN: hun kinderen?)

Tenslotte in 1298 maken 4 broers een deling:

       |............................|.........................|...........................|
Lubbert                       Gerhard                   Herman                        Ludolf

waarbij aanwezig zijn hun ooms Gerhard en Ludolf van Munster.

Jutta van Holte leefde nog in 1265, want dan wordt zij nog oorkondelijk genoemd, maar daarna komt zij niet meer voor. Het lijkt erop, dat zij kort nadien is overleden. Oorkondelijk wordt Virginia van Munster als echtgenote van Herman van Langen genoemd in 1277. Hun huwelijk zal dus vermoedelijk wel wat eerder hebben plaats gehad. Jutta, Ludwig en Gertrud van Holte waren de kinderen van Hermann van Holte en Sophia van Ravensberg. In 1244 worden Herman en Sophia als echtpaar genoemd in een acte. Sophia werd vermoedelijk geboren rond 1220, en leefde nog in 1275. Sophia's vader Lodewich van Ravensberg overleed ca 1249, zodat een geschatte geboortejaar van Sophia tussen 1210-1225 redelijk goed zal kunnen kloppen, maar echt niet veel eerder dan dat. Daarmee is Jutta van Holte geboren tussen 1230-1245. Haar huwelijk met Herman van Langen zal dan ook 1245-1260 hebben plaats gevonden, en dat klopt behoorlijk met de vermelding uit 1261. Het lijkt daarom redelijk om een huwelijksdatum aan te houden 1255-1260. Haar eerste zoon Herman werd dan geboren rond 1261, en is wellicht ook de aanleiding geweest voor Herman van Holte om Herman van Langen, de oude, te betrekken in de belening met het goed Holte, in de wetenschap dat zijn dochter wettige nakomelingen zou hebben (en die zouden er niet komen via zijn enige zoon  Lodewich, die geestelijke was).


Der Domdechant von 1301 Lübbert steht 1298 an erster Stelle, weil er der einzige Geistliche ist. Die Brüder Hermann und Gerhard sind zwar älter,
stehen aber als Laien in der Rangfolge hinter ihm. Der jüngste Sohn Ludolf war 1298 noch nicht im geistlichen Stand (mit etwa 20 Jahren war er dazu auch noch zu jung). Als solcher tritt er erst ab 1311 auf. Von der Urkunde habe ich nur die Erwähnung bei Prof. Holthusen (s. 28):
"Mit seiner zweiten Frau Virginia von Münster war Hermann II. 1277 (Inv. Kr. Warendorf S. 354. Nr. 1.) verheiratet. Der Verkauf des Hofes Maestrup im Kspl. Greven an das Zisterzienserkloster Leeden geschieht durch Ritter Hermann I. "cum heredibus nostris Hermanno filio nostro et uxore ipsius Virginia et filiis ejus Hermanno ac Luberto ac filia Jutta". Diese Kinder dürften noch aus der ersten Ehe Hermanns II. gestammt haben."

Dass die Kinder aus der ersten Ehe stammen, ist meines Erachtens sicher, da sie "filiis ejus", also "seine Söhne" genannt werden, und nicht "filiis
eorum" "ihre Söhne". Hermann Luste und Ludolf waren 1277 noch nicht geboren.

Hiermee lijkt het aannemelijk, dat Herman van Langen, genoemd in 1261 als zoon van ridder Herman van Langen, gehuwd is geweest met 1. Jutta van Holte, en 2. Virginia van Munster.

Er bestaat nog een ongedateerde acte uit ca 1285, na de dood van Herman I van Langen opgesteld (de samenstellers overigens van het Westfällisch Urkundenbuch dateren deze acte op ca. 1267). Die gaat over een huwelijksbelofte aan Albert Droste, dat één der zonen van Herman II van Langen zal trouwen met een dochter van Albert Droste, als zij de rechtmatige leeftijd bereikt hebben. De afspraak hield bovendien in, dat de zoon, die zou trouwen met Albert Droste's dochter dan ook het bezit in Langen naar erfrecht zou bezitten. Omdat we in 1298 zien, dat Gerhard van Langen beleend wordt met het goed te Langen, zou hij degene moeten zijn, die getrouwd is met de dochter van Albert Droste, maar het ontbreekt mij aan gegevens om te zien, of dat ook gebeurd is.

Bernd Josef Jansen:
Gerhard I. von Langen, Herr zu Langen, geboren um 1262 (Religion: r.K.), gestorben nach 1329, urk. 1278-1329, 1278 Knappe, Herr zu Haus Langen, Sohn von Hermann II. von Langen (siehe 19599) und Jutta von Holte (siehe 19600).
Kirchliche Trauung am 12.04.1282. Eheberedung mit Heilwigis von Droste (siehe 23830).

Hermann III. von Langen, geboren um 1260 (Religion: r.K.), gestorben nach 1277, urk. 1277, 1280 tot, Sohn von Hermann II. von Langen (siehe 19599) und Jutta von Holte (siehe 19600).

Lubbert von Langen, Domherr, geboren um 1265 (Religion: r.K.), gestorben nach 1336, urk. 1277-1336, 1294 Domherr in Münster, 1301 Domdechant Münster, 1308 Archidiakon in Bocholt, 1311 wurde ihm von Papst Clemens V. die Präpositur der Kirche St. Martini in Münster übertragen, 1314 Archidiakon in Oelde, Sohn von Hermann II. von Langen (siehe 19599) und Jutta von Holte (siehe 19600).

Ludolf I. von Langen, geboren um 1278 (Religion: r.K.), gestorben nach 1335, urk. 1280-1335, Domherr in Münster 1311, 1315 Inhaber des officiums Darfeld, Sohn von Hermann II. von Langen (siehe 19599) und Virginia von Münster (siehe 23899).

Hieruit valt op te maken, dat Gerhard van Langen in 1278 genoemd wordt als knaap dwz dat hij dan al 14 jaar oud is, en derhalve geboren is voor 1264, en dus geboren is als zoon van Herman van Langen X Jutta van Holte. De oudste zoon Herman uit dit huwelijk, zien we niet meer terug, en hij is dus overleden voor 1280. Uit de twee huwelijken van Herman II van Langen zijn dus tenminste 6 kinderen geboren, waarvan de oudste overleed. De overige 5 kinderen worden in 1281 genoemd als erfgenamen:

ik, ridder Herman van Langen, met toestemming van Virginia, weduwe van mijn zoon Herman, met hun erfgenamen Gerard, Lubbert, Herman, Ludolf en Jutte van Langen...'

De volgorde der kinderen (behoudens Jutta, want meisjes werden bijna altijd als laatste genoemd) klopt dan precies met de volgorde waarin zij geboren zijn. Van deze 5 kinderen zien we er nog 4 terug in 1298, en dan wordt Lubbert, die toen al geestelijke was (en daarmee op dat moment in hoog aanzien stond) als eerste genoemd, hoewel Gerhard de oudst geborene was.

In 1230 worden in een acte de twee broers Herman en Johan van Langen genoemd, zonder enige titels, maar het lijkt buiten enige twijfel, dat het gaat om heer Herman I van Langen met zijn broer Johan van Langen. Uit gegevens van Bernd Jansen blijken zij zoons te zijn van Rudolf I van Langen: Herman was diens oudste zoon, en Johan de tweede zoon. Verder waren er nog een zuster Jutta en een broer Ludolf


Rudolf van Langen X NN.
                    |...........................................................................................................|................|..................|
Herman I van Langen (+ na 1282) X (voor 1227) Mechteld v. Loen            Johan         Jutta           Ludolf
                                            |                                                                                               X Herman
                                            |                                                                                              van Arnem
Herman II van Langen (* ca. 1230, + 1281)                                                                                         
X  (ca 1255-1260) Jutta van Holte ===================== XX (1275-1277) Virginia van Munster
     |................................|................................|.........................| .-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.|............................................|
Herman  III               Gerhard                 Lubbert                 Jutte                      Herman  IV                            Ludolf
(+ voor 1280)       X Heilwig Droste   Domdekaan        (+ voor 1298)         (bijgenaamd Luste)            Domdekaan

Van deze zonen kregen Gerhard en Herman Luste wettige nakomelingen. De twee broers Johan en Herman van Langen, die genoemd worden in de hiervoor weergegeven acte van 1298, zijn kleinzoons van Johan van Langen.

Voor de volledigheid geef ik hier ook de afwijkende interpretatie weer, die de samenstellers van het Westfällisch Urkundenbuch geven:

(Rudolf I van Langen) X NN.
        |............................................................................................................................................|....................|
Herman I Van Langen (vermeld 1226-1276)  X Mechteld (verm. 1259-1265)                Lubbert        Johan X NN
        |                                                                                                                                                                 |
Herman II van Langen (verm. 1246-1285)  X Jutta van Holte                                                               Rudolf (en anderen)
        |                                                                                                                                                          X Jutte van Munster
Herman III van Langen (verm. 1280-1285) X Virginia (verm. 1280-1293)
        |
Ludike.................Herman IV (Luste) ................ Jutte................Gerhard ....................Ludolf
       

Het is lastig om te bepalen welke van beide versies de juiste is. In 1292/1293 is er een acte, waarin Gerhard van Langen genoemd wordt met matre sua Virginia, en zijn zuster Jutte en broers Herman en Ludolf, maar betekent matre dan moeder of stiefmoeder? Op grond van het feit, dat Gerhard geboren is voor 1264 (omdat hij in 1278 als famulus genoemd wordt) lijkt weer aannemelijker, dat hij een zoon was van Jutta van Holte. Bernd Jansen is op grond van een werk 'Chronik der von Langen' door Prof. Brockhusen van mening, dat de eerst gegeven opstelling juist is. Cruciaal daarin is steeds de vraag: uit welk echtpaar stammen Gerhard, Lubbert en Jutte van Langen:

Een citaat uit genoemd werk (pag. 31):

"Beim Vergleich dieser Urkunden kann man über die Kinder Hermanns II. von
Langen und ihre Verteilung auf seine beiden Ehen folgendes sagen: Nach
Urkunde 1 müssen die 1277 genannten drei Kinder Hermann, Lutbert und Jutta
aus Hermanns II. erster Ehe gestammt haben. Denn wenn Hermann II. auch mit
seiner zweiten Frau Virginia auftritt, müssen doch die genannten Kinder,
nämlich die Söhne Hermann und Lutbert und die Tochter Jutta, aus der ersten
Ehe gestammt haben, da sie ausdrücklich als filii bzw. filia ejus und nicht
eorum bezeichnet werden. Auch der auffälligerweise 1277 nicht genannte
Gerhard, der 1278 bereits Knappe ist, muß aus der ersten Ehe Hermanns
gestammt haben und wird 1277 ausheimisch gewesen sein. Im Übrigen wird die
Tatsache, dass Gerhard aus der ersten Ehe Hermanns II. mit Jutta von Holte
gestammt haben muß auch dadurch bewiesen, dass sich 1304 der Ehemann der
Jutta von Langen, Ludolf Hake, mit seinem Schwager Gerhard von Langen über
Holtesche Güter auseinandersetzt. Bezeichnenderweise ist 1304 Gerhards
Bruder Hermann nicht mitgenannt, obwohl er damals noch lebte. Der Vergleich
der Urkunden, in denen ein Hermann, Sohn Hermanns II. genannt ist, lässt
nämlich erkennen, dass es offenbar außer dem 1277 genannten älteren Hermann,
der aus der ersten Ehe Hermanns stammt und den es nach der Namensregel auch
gegeben haben muß, nach dessen wahrscheinlich baldigen Tode noch einen
zweiten jüngeren Herman, Sohn der Virginia, gegeben hat. Dieser jüngere
Hermann steht nämlich später stets hinter Gerhard, wie denn auch nicht
Hermann, sondern Gerhard Erbe des Stammsitzes Haus Langen war. Dieser
jüngere Hermann IV. tritt zuerst 1280 Mai 3 als Sohn Hermanns II. und der
Virginia neben dem nach dem Vater der Verginia Lüdeke von Münster genannten
Sohn Lüdeke von Langen auf, dem späteren Domherren in Münster, und ist
identisch mit Hermann IV., der 1300 zum ersten mal den Beinamen Luste von
Langen trägt. Der 1277 an zweiter Stelle genannte Lutbert stammt aus der
ersten Ehe seines Vaters und ist der spätere Domherr in Münster und
Domdechant."
 

Het laatste woord is hierover vast nog niet gesproken.

Zo zijn we gekomen aan het voorlopige einde van dit excurs. Hierna wil ik wat gegevens doornemen van Johan van Langen, broer van heer Herman I van Langen.

Nakomelingen van Johan van Langen

In 1226 is zijn eerste vermelding, in 1232 wordt hij genoemd als ridder, en zijn laatste vermelding dateert van 1265, Borgman in Tecklenburg. Hij is geboren voor 1214, overleden na 1265. Uit het huwelijk werden geboren:

1. Rudolf II van Langen, geboren ca. 1225
2. Alexander I van Langen, geboren 1225-1230, gestorven na 1299, oorkondelijk genoemd 1260-1299, in 1312 is hij dood
3. Johan II van Langen, geboren 1230-1235, gestorven na 1312, oorkondelijk vermeld 1312
4. Lambert von Langen, geboren 1230-1240
5. Elisabeth von Langen, geboren 1235-1245
6. Herbort von Langen, geboren 1235-1245, gestorven na 1280, oorkondelijk vermeld in 1280
7. Adelheid von Langen, geboren 1240-1250, getrouwd met Engelbert van Deckenbrock
8. Mogelijk Jakob van Langen, geboren 1240-1250

Jakob van Langen heb ik toegevoegd als zoon van Johan, op grond van de namen van zijn oudste zonen Herbort en Rudolf, die mogelijk vernoemd zijn naar broers van Jakob van Langen. Van tenminste 3 zonen zijn nakomelingen bekend: Alexander, getrouwd met Amelgardis had tenminste 1 zoon Alexander genaamd. Van Jakob van Langen zijn 8 kinderen bekend.

Rudolf II van Langen, Ridder, Borgman in Tecklenburg, geboren rond 1225, gestorven na 1285, oorkondelijk vermeld 1253-1285(97), is dood in 1298, wordt in 1257 genoemd als Ridder, wordt tot 1276 beleent met de Tienden te Baccum, Ksp. Lingen, (1297 beleent met de Hof Bodinc), zoon van Johan I van Langen.
Trouwt rond 1245 met Jutta van Munster, geboren rond 1230, gestorven na 1285, oorkondelijk vermeld 1253-1285, dochter van Herman II van Munster en Mechtild van Loen.

Kinderen:
1. Johan III van Langen (Parvus), geboren rond 1246
2. Herman van Langen, Domheer te Munster, geboren rond 1248, gestorven na 1298, oorkondelijk genoemd 1267-1298, 1267 Domheer te Munster
3. Jutta van Langen, geboren rond 1250, gestorven na 1283, vermeld 1276-1283. Getrouwd voor 1276 met Ludolf Hake (uncus)
4. Rudolf III van Langen, Borgman in Bentheim, geboren rond 1255, gestorven na 1305, oorkondelijk gemeld 1276-1305, in 1298 is hij vermeld als Ridder, gehuwd met NN.

Johan III van Langen (Parvus)

Hij was gehuwd met Sophia NN. Uit dit huwelijk zijn geboren:

1. Johan IV van Langen X Gertrudis Volenspit
2. Rodolf van Langen
3. Ermentrude
4. Johan V (Kreyenribbe) van Langen

Ik geef hier de aantekeningen van Bernd Jansen:

Johann IV von Langen (senior), Ritter, geboren um 1280 (Religion: r.K.), gestorben nach 1322, urk. 1312-1322, 1337 tot, 1314 Knappe, 1322 Burgmann in Tecklenburg, 1320 Ritter, kauft 1320 von Graf Johann von Bentheim für 450 Mark die Güter zu Hanikena bestehend aus dem großen und dem kleinen Haus in Hanikena mit Mühle, Wäldern und Fischerei und das Krusen Haus in der Bft. Darme, Ksp. Emsbüren, ferner das Haus zu Polle, Ksp. Bramsche, Kreis Lingen, mit der Mühle und dem Holzgericht sowie Johanns Haus und Yserhus zu Sommeringen, Ksp. Bramsche, ein Kotten in der Bft. Wesel, Ksp. Bramsche, Sohn von Johann II. von Langen (parvus) und Sophia N.
Kirchliche Trauung nach 1305 mit
Gertrud Volenspit, geboren um 1280 (Religion: r.K.), gestorben nach 1348, urk. 1305-1348, macht 1348 mit ihren Söhnen eine Memorienstiftung (für ihre verstorbenen Ehemänner sowie u.a. für ihren Vater Puls von Hamme) an die Kirche in Schepsdorf in Form einer Vikarie zur Ehren der Hl. Jungfrau Maria und Johannes des Täufers und eines Altares. Tochter von Pultian Vollenspit (von Hamme) und Hilleborg N.
Kirchliche Trauung (1) um 1300 mit Hermann II. von Bevern.
Kirchliche Trauung (2) nach 1305 mit Johann IV. von Langen (senior).
Aus der ersten Ehe stammen:
1. Lisa von Bevern, geboren um 1300.
2. Hermann III. von Bevern, Herr zu Westbevern, geboren um 1302 (Religion: r.K.), gestorben nach 1363, urk. 1328-1363.
Verheiratet mit Ida N (Religion: r.K.), gestorben nach 1356, urk. 1356.

Aus der zweiten Ehe stammen:
3. Johann VI. von Langen (de Korte), geboren um 1307.
4. Gese von Langen, geboren um 1309 (Religion: r.K.), gestorben nach 1358, urk. 1358 Wwe.
Verheiratet mit Dietrich Vincke (Religion: r.K.), gestorben vor 1358, urk. 1358 tot.
5. Puls von Langen, geboren um 1311 (Religion: r.K.), gestorben nach 1392, urk. 1345-1392.
Verheiratet mit Hille N (Religion: r.K.), gestorben nach 1363, urk. 1352-1363.
6. Herbort von Langen, geboren um 1313 (Religion: r.K.), gestorben nach 1376, urk. 1345-1376, 1383 tot, 1364 belehnt mit dem Erbe Vorsthove (heute Bettmann) Bschft. Schmedehausen Ksp. Greven.
Verheiratet mit N N (Religion: r.K.).

Johan VI van Langen, heer te Hanikena, gestorven na 1362, is dood in 1365, oorkondelijk genoemd tussen 1342 en 1365, knaap, gehuwd met een dochter van Bernard van Asbeck en diens vrouw Sophia. Uit dit huwelijk zijn twee kinderen bekend:

1. Bernd van Langen, geboren ca 1340, vermeld in 1362 als zoon van Johan van Langen
2. Gese van Langen, geboren ca 1338, gehuwd met Gotschalck Budde

Gese van Langen wordt als zijn zuster genoemd in een acte van 1378.

Bernd van Langen

Hij was drost in Rheine, vermoedelijk geboren rond 1340, knaap, + na 1400. Vermeld wordt hij 1362-1400, verkoopt 1371 met zijn vrouw Gertrude (+ na 1385, vermeld 1371-1385) en dochter Gertrude meerdere Zutphensche leengoederen in het kerspel Delden en Borne in het Graafschap Gelre aan de Graaf van Bentheim, belooft in 1385 na een twist met het klooster Cappenberg, de vrede te bewaren, 1379/81 beleend door bisschop Potho van Münster met de grote tiende te Katenhorn bij Rheine, in 1380 beleend door de abdij Herford met het erfgoed Hardenakkenhus te Rheine, bezit 1385 het Wellinghof voor Rheine, bisschop Heidenreich van Münster verpandt hem in 1385 voor 300 Mark Pfennige, die Bernd hem ter "Einlösung des Amtes Rheine" geleend had, alle ontvangsten van de Bierpfennig van de stad Rheine, zweert in 1383 de vete tegen de stad Dortmund niet te zullen hervatten, ruilt in 1386 met het klooster Überwasser in Münster lijfeigenen in Werthe, kerspel Emsbüren, in 1400 een twist met zijn zoon Egbert tegen de Tecklenburger's. Gehuwd met Gertrude, van wie geen familienaam bekend is.

20 dec. 1371
Bernd van Langen, zijn vrouw Gertrud en hun dochter Gertrud verkopen aan Bernd graaf van Bentheim de erven Bennekinck, Rothgerinck, Hubboldinch en to Hare, gelegen in kspl. Delden en de erven Escherinch en Reynerinch, gelegen in kspl. Borne, Buurtschap Sinderen, als onbelaste goederen voor een al betaalde koopprijs. De goederen gaan van de bisschop van Utrecht als zutphens leen. De verkopers beloven de graaf van Bentheim in 'leenser were' te houden en op wens Weerschap te geven.
Getuigen: Arnd van Schoneveld, Johan van Munster en Floriken Voet. Gezegeld Bernd van Langen.

Mogelijk was hij de vader van Grete van Langen, gehuwd met Johan van Bevervoorde, maar dat is niet zeker, omdat Grete nergens genoemd wordt.

Kinderen uit dit huwelijk:
1. Gertrude
2. Egbert I
3. misschien Grete

Een eerste aanwijzing zit in vernoemingen: de tweede zoon wordt Bernd genoemd. Ene tweede sterke aanwijzing vormt de belening in 1400:
Dat guet toe Hemminch mit den Kote toe Ypeloe, dat een borchleen is toe Ghoer, --- , als dat gelegen is in der heerschap van Ameloe.
** Vergelijk voor het "Kote toe Ypeloe" nr. 743. 1457 heeft "Almelo" in plaats van "Ameloe".
1400 apr 23 (BB fol 42)
Johan van Bevervoerde Gherytssoen na opdracht door Bernt van Langen en zijn vrouw Ghertruijt "in hoeren brieven".

Den Langhenhof tot Entere, als die gheleghen is in den kerspel van Rijssen.
** "Lijst leenmannen"' blz. 755.
Z.d. [1379-1382] (BA1 fol 59)
Gerijt van Bevervoerde.
Verder als nr. 1097 (Weemselo te Albergen). Na 1693 niet meer met name genoemd.
Tevens :
1411 nov 13 (BB fol 73)
Herman van Delden na opdracht door Henric Splynter, die de Hof gekocht had van de kinderen van Johan van Bevorden, nadat "Egbert van Langen als momber der kynderen ende Herman van Twickloe, Otte en Johan van Welevelde, gebruedere, Frederic ende Herman van Twickloe die Jonge, gebruedere, meyne magen der kyndere, mynen heren dairvan in hoeren brieven gebeden hadden Heinric te belenen".

Hier wordt Egbert van Langen genoemd als momber van de kinderen van Johan van Bevervoorde, die rond 1410 overleed. Het lijkt me waarschijnlijk, dat Egbert van Langen een nauwe verwant is van Greta van Langen, vermoedelijk haar broer. Egbert van Langen was, zoals we hierboven zagen, een zoon van Bernd van Langen.

Op grond van deze gegevens, hou ik Greta van Langen voor een dochter van Bernd van Langen, hierboven genoemd, en is zij misschien identiek aan Gertrude, of zij is een jongere dochter.

Egbert van Langen

Egbert van Langen was de enige zoon van Bernd van Langen. Hij is geboren ca. 1375, gestorven in Nyenhof bij Bentlage. Oorkondelijk wordt hij genoemd tussen 1400 en 1423, en in 1446 is hij dood. Hij heeft enkele goederen bij Rijssen, Delden  en Oldenzaal. Trouwde rond 1405 met Jutta Budde, dochter van Johan Budde.

Kinderen:
1. Johan
2. Lambert
3. Bernd II
4. Egbert II

Gegevens van anderen op Internet

Ik wil niet ongenoemd laten, dat H. Vrielink een geheel andere filiatie geeft voor Greta van Langen:

Parenteel v. Johan [Ritter] Van Langen
Ia. Johan [Ritter] Langen.Langen". Lid van de Bentheimse Adel, Wapen : diagonal op schild 5 "wecken" of ruiten.

Uit een onbekende verbintenis:
1. Rodolphus Langen. Van [606].
2. Adriann Langen. Van [607].
3. Hermann Langen. Van [320] volgt IIa.
4. Evert Langen Van [ ] volgt IIb.
5. Johanna Langen Van [ ] volgt IIc.

Generatie 2

IIa. Hermann Langen. Van [320], geb. 1335 te Osnabruck, overl. 1409 te Osnabruck, 74 jr. oud, tr.(B) met Gostua Joanna ? [321], overl. te Osnabruck. Hermann van Langen, ridder komt voor in 1364, Hermann en Gerdt van Langen in 1375, Johann van Langen in 1385, allen in het archief van Haus Langen. Johann en Hermann van Langen, gebroeders voor 1400 in arch:Haus Coesfeld)

Uit dit huwelijk:

1. Johann Langen. Van [559], geb. 1375 te Osnabruck.
2. Hermann Langen. Van [560], geb. 1399 te Osnabruck.
3. Geert Langen. Van [558] volgt IIIa.

IIb. Evert Langen. Van [ ] geb. te Osnabruck, overl. na 1415. Tussen 1379 en 1382 genoemd als leenman van Die Kohorst ewn dat huus tot Ypelo, Beverdam, Meckinghem, Kodijc, Woelthuijs als leen van de Bisschop van Utrecht "in dienstmannenstad". Het huis Hulshorst, het Kedinchhuis en Keppelring waren in zijn bezit.

Uit een onbekende verbintenis:

1. Godert Langen. van, [ ] .volgt IIIb.

IIc Johanna Langen Van [ ] tr.met Engeleberth Twickelo Van,
Uit dit huwelijk:
1. Agnes Twickelo Van [ ]

Generatie 3

IIIa. Geert Langen. Van [558], geb. 1400 te Osnabruck.

Uit een onbekende verbintenis:
1. Greta Langen. Van [804] volgt IVa.
2. Godert Langen. Van [851], geb. te Osnabruck, tr.(B) 1416 te Zwolle met Jutte [852].
3. Berthold Langen. Van. [2127], geb. te Osnabruck.
4. Geert Adriaan Langen. Van [561] volgt IVb.

IIIb. Godert (Goedert) Langen. Van, [ ]. geb. te Osnabruck. tr met ? Leenheer Keppelring, Kedinchuys,Tijenhuys, Coehorst in de buerschap Ypelo. Vanaf 1469 leenheer van Beverdam, Mekinchem en Kodijc. Genoemd in 1433 en 1440.

Uit een onbekende verbintenis:

1. Evert Langen,van. overleden 1487. het Leenheerschap gaat over op zijn neef Evert Hermann Van Langen [324]
2. Albertine Langen. van [ ] tr.met Goert van Reede tot Saasveld.

Generatie 4

IVa. Greta Langen. Van [804], geb. te Osnabruck, overl. te Rijssen, tr.(B) met Johan Bevervoorde. Van [805], geb. te Delden, overl. te Rijssen.

Uit dit huwelijk:
1. Greta Bevervoorde. Van [806] volgt Va.

IVb. Geert Adriaan Langen. Van [561], geb. 1430 te Osnabruck, overl. 1511 te Lingen, 81 jr. oud.

Uit een onbekende verbintenis:

1. Johan Adriaan Langen. Van [322] volgt Vb.
2. Evert Langen. Van [1213], geb. 1457 te Lingen, overl. te Rijssen.
3. Barthold Langen. Van [638], volgt Vc.
 

Het is goed hier toch enige aandacht aan te geven. Ik heb H. Vrielink een aantal keer per email benaderd, maar helaas nooit een reactie gekregen, zodat het voor mij niet mogelijk is om te verifiëren, hoe hij tot dit parenteel is gekomen. Hij noemt Greta van Langen een dochter van Geert van Langen (geb ca 1400), zuster van Godert, Bertold en Geert Adriaan. Over Godert schrijft hij, dat die trouwde in Zwolle met Jutta in 1416.

Qua tijdsbepaling klopt dit alles niet. Als hun vader Geert van Langen geboren is rond 1400, dan kan zijn zoon Godert natuurlijk nooit in 1416 getrouwd zijn. Bovendien trouwde Greta van Langen vermoedelijk rond 1390 met Johan van Bevervoorde. H. Vrielink noemt Geert een zoon van Herman van Langen, geb. ca 1335 te Osnabrück, overleden ca. 1409 aldaar, en hij noemt enkele vermeldingen van Herman van Langen in het archief van het huis Langen uit het Telgter Oorkondeboek. Nu werd deze Herman vaak genoemd samen met zijn broer Gerdt van Langen, en die hadden enige verwantschap met Herman Luste van Langen en diens gelijknamige zoon. Maar mij is niet helder geworden of deze broers Herman en Gerdt van Langen zonen waren van ridder Johan van Langen, die dan geboren zal zijn rond 1300-1310.

Terugkerend naar Geert van Langen: die zou geboren kunnen zijn rond 1360, maar dan nog is het lastig, want als Greta van Langen rond 1390 trouwde dan is zij geboren voor 1375, en dan is het ook vreemd dat haar broer pas rond 1416 trouwde.

In elk geval rammelen deze gegevens, en is onduidelijk op welke gronden de verbindingen zijn gemaakt.

Conclusie:
Op grond van deze gegevens stamt Greta van Bevervoorde dus af van Rudolf van Langen X Jutta van Munster (gehuwd rond 1245-1250). Jutta van Munster was een dochter van Herman van Munster X Mechteld. Deze Mechteld was later gehuwd met Herman van Langen, die weer de oom was van bovengenoemde Rudolf van Langen.

Volgens de gegevens van Bernd Jansen was Mechteld uit het huis van Loen/Loon, dochter van Gerard van Loen/Loon. Haar broer was Herman Van Loon, die gehuwd was met Eufemia, vrouwe van Borculo en Coevorden.