van Essen
 

Op deze pagina's leun ik sterk op het artikel van de heer O. Schutte over van Essen uit Nederlandse Leeuw 1967, maar enkele verschillen zullen er wel zijn. Die komen deels voort uit de betiteling van de beide Henric's van Essen, de oude en de jonge genoemd. Ik ben van mening, dat Henric van Essen de oude, die rond 1387 overleed, en die gehuwd was met Margaretha van Schonevelde, 'de oude' werd genoemd, omdat hij ouder was dan zijn jongere naamgenoot.

Waar de geachte schrijver in Nederl. Leeuw deze Henric van Essen de oude feitelijk tot een jongere generatie maakt als zijn naamgenoot, ontstaat er toch een rare discrepantie. Henric van Essen de oude was gewoon ouder dan zijn naamgenoot. Hij is dan te identificeren met de knaap Henric van Essen, die in 1338 al genoemd wordt. We zien, dat hij al in 1367 met zijn toenaam wordt genoemd, om hem te onderscheiden van de jongere Henricus van Essen:

1367 december 6 (up sente Nycolausdach in den winter)
Deken en kapittel van de kerk te Deventer en Berent Heying, scholaster en kanunnik in deze kerk, vicaris en "vorwaerre" van de proosdij van Deventer, verklaren zich te zullen houden aan de uitspraak van Henric van Essen de oude gedaan als scheidsman in het geschil tussen het kapittel en Vrederic van Hekeren, ridder, diens vrouw Lutgharde en hun zoon Sweder, waarbij zij tevens alle vorderingen die zij op Van Hekeren zouden hebben kwijtschelden met uitzondering van een vordering van 400 pond waarvan zij een openbare akte bezitten.

1378 juli 27 (des naesten dinsedaghes na sunte Jacobsdach eens apostels in julio)
Ecbert Hake van den Rutenberghe verklaart dat hij zijn zuster Jutte, als bruidsschat bij haar huwelijk met Johan Mensinghe anders genaamd van Haren, 500 oude schilden heeft gegeven, voor welk bedrag borg zullen blijven zijn broers Willem, Roloff en Sweder van den Rutenberghe, Henric van Essen de jonge, Dieric van den Rutenberghe, Boldewijn van den Cloester, Johan Hündeborch, Henric van den Laer, Hubert van den Laer, Henric van de Laer geheten Laerreberch en Rolof van Niwede Coepszoon.
 

We mogen ervan uitgaan, dat hij 'de oude' genoemd wordt sinds Ridder Henric van Esssen rond 1356 overlijdt; in 1356 wordt een rekening opgesteld in Deventer ter gelegenheid van een bijeenkomst naar aanleiding van het overlijden van heer Henric van Essen, ridder. Nog in 1350 wordt heer Henric van Essen genoemd als bloedverwant van drie broers van Almelo:

1350 mei 14 (up sonte Bonifaciusdach)
De broers Arnd van Almeloe, Aelbert van Almeloe en Engelbert van Almeloe verklaren, met
rade van hun familieleden heer Henryck van den Damme en heer Henryck van Essende, een
scheiding te hebben gemaakt van de door hen gezamenlijk bezeten goederen.....

Als zoons van ridder Henric van Essen worden genoemd Evert en Henric van Essen. In deze laatste nu, kunnen we Henricus van Essen, de jonge herkennen, die ergens tussen 1376 en 1384 zal zijn overleden, gehuwd was met Lutgard, die als weduwe hertrouwde met Roelof van den Rutenberg, vermoedelijk omstreeks 1385.

7 mei 1376
Herman heer van Kuinre, Johan van Kuinre, ridder, Henric van Essen, de oude, Henric van Essen, de jonge,
e.a. betuigen, dat zij voor zich, hun erfgenamen en nakomelingen, mage, hulpers, ondersaten en knechten alinge
(geheel) gesoent hebben van allen twisten, zaken en schelingen, de her to ghewest hebben mit den Ersamen luden
borghemeisteren, raet en ghemeine burgers, ondersaten en knechten der stad Hamborch
(Ch. en Besch. Kampen 1, p. 61: Nagge 1, p. 169 en 170).
 

Het is nu van belang om te kijken, of we de onderlinge verwantschap kunnen vaststellen tussen de verschillende Henric's. Daartoe kunnen enkele gegevens van Schutte dienst doen:

7 aug. 1338 zegelt Henrick van Essen, knape, mede de acte, waarin de deken en het kapittel van Deventer verklaren aan Aelve Aelvesz. van Zuthem in erfpacht te hebben uitgegeven de novale tienden van 7 hoeven en 4 morgen land in Zwollerkerspel en Zuthem (Afschr. in het Cartularium van St. Lebuinus 1295-1541, fol. 111 in het R.A. Overijssel, coll. Van Rhemen; Oorkondenboek Overijssel, no. 1562 (1144 bis).
1 juli 1349 beloven Henricus de Essen, knape, en Adolphus van Zuthem, ridder, gezamenderhand aan de joden Godschalcus de Rakelinchusen en Leo de Monasterio over 12 weken 15 gouden schilden en 4 brab. groten te betalen. 2 juli 1349 beloven Gerardus Schulting en Henricus de Essen, knapen, gezamenderhand, aan de jood Leo de Monasterio over 12 weken 30 sol. en 4 brab. groten in gouden schilden te zullen betalen; met een sanctie (Domarchief in RA. Utrecht, nr. 4234; Oorkondenboek Overijssel, no. 1479 en 14SO).
3 juli 1353 oorkondt Sweder heer van Vorst dat, in tegenwoordigheid van zijn leenmannen Vrederick van Heeker, Gerrijt Schellinc, Johan Kovicken en Arent van Junne, Heer Henric van Essen ridder en Henrick van Essen, zijn neef, knape, hebben opgedragen aan hem de leenweer van een stuk land, .....(Extract uit een boek van het klooster Windesheim in Deductie 1705, B 1).
24 juni 1359 oorkonden Alof van Zuthem, ridder, Everaet van Essen en Henric van Essen, heer Henric's kinderen van Essen, dat wijlen heer Henric van Essen en Alof van Zudthem borgen waren voor bisschop Johan van Arkel.

We zien hier dus een viertal vermeldingen van Henric van Essen, en we zullen moeten proberen uit te maken, om welke Henric's het precies gaat. Hij heet knape in 1338, ook in 1349 en in 1353 zien we een vermelding van Heer Henric van Essen met zijn neef, ook Henric van Essen geheten. Ridder Henric van Essen overlijdt enkele jaren later.
In 1359 oorkonden ridder Alof van Zuthem, en Evert en Henric van Essen vervolgens dat hun respectieve vaders borgen waren voor de bisschop. Daaruit valt slechts één conclusie te trekken: in de vermeldingen van 1338 gaat het om de latere ridder Henric van Essen, die daar nog knaap is.

Omdat er tussen 1300 en 1350 erg weinig vermeldingen bestaan, waarin een Van Essen voorkomt, zitten we dus met het probleem, dat het moeilijk is om te bepalen, hoe de verbanden precies zijn. Het heeft er alle schijn van, dat Henric van Essen pas tussen juli 1349 en mei 1350 de ridderslag heeft gekregen, want het is waarschijnlijk, dat de vermelding uit 1349 ook betrekking heeft op dezelfde personen.

Maar in tegenspraak daarmee is:

13 jan. 1345 wordt 4 s. betaald aan een bode naar Voerst naar heer Henric van Essen, ridder, om de verzoendag af te zeggen vanwege Rodolph van Bevervoerde;
26 aug. 3 s. voor een bode naar Vresinnen met brieven aan heer Theodoricus van Rechter, ridder, en heer Henric van Essen, ridder, om de volgende zondag te Wegghestapel te komen op de verzoendag tegen Rodolph van Bevervoerde;
12 nov. wordt 10 s. 4 cl. betaald voor de uitgaven te Vreden van wege de bijeenkomst met de heer van Voerst en Henric van Essen, ridders (Cameraarsrek. Deventer, deel 1, pag. 232, 239 en 198).

Hieruit blijkt weer, dat heer Henric van Essen al in 1345 ridder genoemd wordt, en dat het in 1349 dus kennelijk gaat om een andere Henric van Essen. De enige verklaring kan zijn, dat het in 1349 dus gaat om Henric van Essen, die in 1353 neef wordt genoemd van ridder Henric van Essen.

We krijgen daarmee:

Henric van Essen, knaap in 1338,
ridder in 1345, 1350, 1353, + ca. 1356

Zijn zonen worden vermeld in 1359, Evert en Henric van Essen.

Daarnaast zien we in 1349 Henric van Essen, knaap in 1349, gemeld in 1353 als neef van ridder henric van Essen (vermoedelijk is hij oomzegger).

We mogen op grond van deze gegevens concluderen, dat de knaap Henric van Essen geboren zal zijn voor 1330, en ik heb al eerder betoogd, dat ik hem identificeer met de later genoemde Henric van Essen de oude, die gehuwd was met Margaretha van Schonevelde, dochter van Arnold van Schonevelde. Margaretha wordt al genoemd in een acte uit 1336, samen met haar broer Claes kinderen van Arnold van Schonevelde en Elsken:

Arnolde van Sconevelde, knape en Elsche min eijghte wyff, Clawes onze sone en Margarete onze dochter en al mijn reghten erfgenamen doet kundig ....Int jaar onses Heer dusent drei hondert secs en dertigh....

Uit andere gegevens is mij bekend, dat Arnold van Schonevelde voor 1318 is geboren, en in dat jaar ook al een broer Nicolaes en een zuster Jutte heeft, maar hij zal niet erg ver voor 1330 zijn getrouwd. Voor Margaretha lijkt een geboortejaar omstreeks 1330 vrij aannemelijk, zodat het heel goed mogelijk is, dat zij omstreeks 1350-1360 haar eerste kinderen kreeg met Henricus van Essen. Als we voor hem aannemen, dat hij geboren is omstreeks 1320-1330, en overleed in 1387 (waarover weinig twijfel is), dan was hij van een jongere generatie als Ridder Henricus van Essen, die ik daarom voor zijn oom hou op grond van de hiervoor genoemde acte uit 1353 van Sweder van Voorst.

Mede gezien de namen van de kinderen van Henricus van Essen en Margaretha (namelijk Gherijt, Henric en Hille) lijkt het aannemelijk, dat zijn vader Gerd van Essen was, van wie mogelijk nog in 1326 een melding bestaat. Daarmee zijn ridder Henric van Essen en Gerard van Essen broers, zonen van vermoedelijk Henricus van Essen. Als een aanvaardbare schatting neem ik aan, dat Ridder Henric van Essen geboren werd ca. 1290, + ca. 1355.

Met wie ridder Henric van Essen gehuwd was, is mij niet duidelijk geworden, maar tot zijn zoons mogen we rekenen Evert van Essen en Henricus van Essen, voor het eerst vermeld in 1359. Zij zullen zijn geboren 1330-1340. De eerste was duidelijk de oudste van beiden, en hij huwde voor 1365 met Margaretha Radinc van Eerde. Dit huwelijk bleef kinderloos, en na het overlijden rond 1382 van Evert van Essen is er flink wat te doen geweest over de nalatenschap en het goed Eerde, dat kort daarvoor door de bisschoppelijke legers met de grond was gelijkgemaakt. Margaretha van Eerde overleed ca. 1404...

Henricus van Essen, broer van Evert, is identiek met Henric van Essen, de jonge, die we in stukken uit 1367 en 1376 zijn tegen gekomen. Hij overleed voor 1384, en hij was gehuwd met Lutgard. Op grond van stukken uit het huisarchief van Almelo, lijkt het aannemelijk, dat Lutgard een dochter was van Albert van Almelo X Jutte, en dat haar zusters waren Kunegunda en Hadewich van Almelo (de laatste gehuwd met Sweder van den Schuylenburg).

O. Schutte schrijft in Ned. Leeuw 1967

24 juni 1359 oorkonden Alof van Zuthem, ridder, Everaet van Essen en Henric van Essen, heer Henric's kinderen van Essen, dat wijlen heer Henric van Essen en Alof van Zudthem borgen waren voor bisschop Johan van Arkel.

23 aug. 1399 oorkondt Gerhidt van Essen als leenheer dat hij geeft aan Henrick van Essen Henricksz die alinge hoeve lands te Wijhe, buurschap ter Weide ,,also als Henricx voors. vader die van oelden Henrick van Essen, minen vader te leene placht te holden, behaldelick mij ende elcken manne sines rechtes ende sonderlinge Jonkfrauw Lutgart van den Rutenberge en oere erfgennemen al alsulcken breve ore volcommene macht als sij van Henricxs voors. vader heeft”; als getuige treedt op Roleff van den Rutenberg als man van het gesticht van Utrecht.
(Dossier Van Essen, Centr. Bureau voor Genealogie).

We zien hier nog eens weergegeven, dat Evert en Henric van Essen zoons zijn van ridder Henric van Essen (inmiddels overleden), en dat in 1399 Gerrit van Essen, zoon van oude Henric van Essen aan Henric van Essen, zoon van Henric van Essen X Lutgard, een leen opdraagt.

In 1350 nog wordt heer Hendrik van Essen een verwant genoemd van de drie broers van Almelo: Arnd van Almeloe, Aelbert van Almeloe en Engelbert van Almeloe. Als het zou gaan om de jonge Henric van Essen, die trouwde met Lutgard van Almelo, dan is de verwantschap wel duidelijk, maar dit is om twee redenen niet erg waarschijnlijk. In de eerste plaats is Henricus van Essen, zoon van ridder Henric, in 1350 nog niet gehuwd met Lutgard, en ten tweede klopt de aanspreektitel heer Hendrik van Essen niet erg.

Kinderen uit het huwelijk van Henric van Essen en Lutgard waren: Evert, Henric, Lutgard en Beli van Essen.
Van hen trouwde Beli rond 1405 met Derk van Dorth. We zien dan in 1409 Dirck van Dorth en Alof van Suthem optreden namens Henric van Essen, terwijl in 1414 Henric van Essen als neef van Alof van Suthem aanwezig is bij de opstelling van diens testament. Het moet dan gaan om Henric van Essen, zoon van Henric van Essen X Lutgard.

Tussen deze Henric van Essen en Alof van Zuthem bestaat een mij niet duidelijke verwantschap (neven). Voor zover mij bekend is, was Alof van Zuthem niet getrouwd, maar had hij wel enkele bastaardkinderen. Zijn erfenis in 1415 ging voornamelijk naar zijn zuster Agnes van Zuthem, gehuwd met Egbert Hake van den Rutenberg.

Schema:

Henricus III van Essen........................................Gerd van Essen
(1290-1356)  ridder                                                        (vermeld 1326)
      X NN.                                                                                 X NN
                       |                                                                           |
Evert...................Henric V (de jonge)                        Henric IV (de oude)
(1335-1382)          (1335-1385)                                     (1325-1387)
X Margaretha          X Lutgard                                       X Margaretha
van Eerde                van Almelo                                    van Schonevelde
                                            |                                                       |
                                      Evert                                                Gerd van Essen
                                      Henric                                              Henric
                                      Lutgard                                            Hille
                                      Belie

In bovenstaand schema noem ik ridder Henric van Essen als de derde Henric van Essen uit dit geslacht. In 1353 heet Henric IV van Essen een neef (oomzegger) van ridder Henric van Essen. Evert en Henric V van Essen worden genoemd in 1359 als zonen van ridder Henric III van Essen, die een verwant was van de drie broers van Almelo.

Een voorganger (vader?) van ridder Henric van Essen zal zijn geweest Henric II van Essen, die in 1296 deelneemt aan de erfenis van Diederick van Nijenbeek. Mogelijk was hij de zoon van ridder Henric I van Essen, die in 1265 wordt genoemd:

Dat er tussen Henric I van Essen en Henric III van Essen nog een generatie moet hebben gezeten, wordt duidelijk als we weten, dat ridder Henric I van Essen al genoemd wordt in 1251. Het is niet onmogelijk, dat deze Henric I van Essen, ridder, gehuwd met Lutgard (door sommigen Lutgard Momme genoemd, maar mogelijk was zij weduwe van een Momme?) overleden is voor 1275, want dan zien we een Lutgard genoemd:

(Hierbij nog de kantttekening, dat in dit regest de zinsnede Gesa, domicella de Nijenbeke ten onrechte vertaald is met echtgenote. Domicella dient te worden vertaald als 'dochter').

6 juli 1285 oorkondt de elect Jan, dat zijn ministeriaal Henrik van Essende, knaap, met toestemming van zijn moeder Lutgardis, afstand heeft gedaan van de grove en smalle tienden van twee huizen in de parochie Raalte, welke tienden de elect vervolgens aan de deken van het kapittel
van Deventer heeft geschonken (0orkondeboek Utr. IV, 426 en 0ork.b. Ov. 11, 391).

Ik ben de eerste om toe te geven, dat met name deze laatste veronderstellingen weinig basis hebben: er zullen wel meer Lutgard's zijn geweest, dus waarom zou dit gaan om de weduwe Lutgard? Maar er is ook wel enige grond voor mijn veronderstelling. Zoals ik al eerder noemde, was in 1296 Henric van Essen deelnemer aan de erfenis van ridder Diederick van Nijenbeke. Deze Henric van Essen wordt in deze kwestie zonder titelatuur genoemd, en het is onduidelijk om enige indicatie te vinden over zijn leeftijd. Maar het zou kunnen, dat het daar gaat om Henricus de Essende, de ambtman van de abdis en convent de Essinde:

In 1304 zien we een vermelding van wellicht dezelfde Henric van Essen, of van diens zoon Henric III van Essen

Het is verleidelijk om deze verbinding te maken, zeker ook in het licht van de verwantschap van ridder Henric III van Essen met de drie broers van Almelo, zoals die in 1350 wordt genoemd.

De hypothetische lijn, zoals mij die voor ogen staat, wordt dus:

Henric I van Essen                                       XX             Lutgard                    X        NN. Mumme
(geboren rond 1220, + rond 1270)                            (* na 1285)              |
Scultis van Salland, ridder voor 1258)                                                         |
                                                                         |                                                  |
                                                       Henric II van Essen                          Gerard Mumme
                                                      (gemeld 1265, 1288, 1296)             (gemeld 1265)
                                                                         |
                                                        Henric III van Essen
                                                        (geschat geboren ca 1290)

 

De oudste vermelding, die ik ken:

 

Ter nagedachtenis aan Geertruid van Essen, die in Christus vroom, gelukkig en kalm is overleden in het jaar 1624 na Christus' geboorte, op 22 mei. Ze heeft in de ware kennis en vreze Gods geleefd vanaf haar eerste levensjaren tot haar dood, samen 74 jaar: als maagd 28 jaar, als moeder en vrouw vier jaar en nog eens 42 jaar als weduwe, na de dood van haar weledele, goede echtgenoot Alfred van IJsselmuiden. Jan van Langen, als schoonzoon voor zijn schoonmoeder, en Maria van IJsselmuiden als dochter voor haar moeder, hebben bedroefd deze steen geplaatst op 1 juni

Ik sluit niet uit, dat er misschien een connectie is van Lutgard met Diederick van Nijenbeke, en wellicht heeft Henric II van Essen connecties met het huis van Almelo, gezien de acte uit 1304, en de in 1350 genoemde verwantschap van Henric III van Essen met de drie broers van Almelo.

Werner geeft een beschrijving van het wapen van Lutgard: een regterschuinbalk beladen met twee penningen en eene malie, de laatste in het midden

Deze beschrijving is niet die van het wapen van Essen, zoals die op bovenstaande afbeelding uit de collectie Buchel is te zien.

 

Alfred van IJsselmuiden overleed dus ca. 1582. Geertruid van Essen werd geboren omstreeks 1550, en kreeg kinderen vanaf ca 1578.

 

De kwartieren van Alfred van Isselmuiden zijn:

Isselmuiden X Mulaert ouders van Alfred van IJsselmuiden
Isselmuiden X van Essen grootouders van Alfred v IJsselmuiden
Mulaert X Bochorst maternele grootouders van Alfred van IJsselmuiden

De kwarieren van Geertruyd van Essen zijn:

Van Essen X Van Clooster ouders van Geertruid
Van Essen X Hoijer grootouders van Geertruid
Van Clooster X Mulaert maternele grootouders
 

De juiste gegevens voor Geertruid van Essen zijn, op grond van lenen:

Herman van Essen X Hylle Hoyer (X voor 1484)                van Clooster X Mulert
    |                                                                                       |
Johan van Essen                         x                                 NN van Clooster                   
    |
Henrick ----- Herman ---- Geertruid X Alphert van IJsselmuiden


Dien Hof to Dure mit synen toebehoren, gheleghen in den kerspel van Olst.
1433 aug 3 (BC fol 13v)
Derick de Hoyer.
* Den halven Hoff toe Duren, gelegen in den kerspel van Olst.
** Vergelijk voor de andere helft nr. 890.
1453 mei 16 (BC fol 93)
Oelric die Hoeyer na de dood van zijn vader Diric die Hoyer.
1457 okt 24 (BD fol 42)
Oelrick die Hoeyer.
1484 sep 2 (BD fol 146v)
Hille, dochter van Oelrick Hoyer na de dood van haar vader. Hulder haar man Henric van Essen.
1497 jun 6 (BE fol 18)
Hille, dochter van Oelrick Hoyer. Hulder haar man Henrick van Essen.
1518 jun 26 (BF fol 22)
Hille, dochter van Oelrick Hoyer. Hulder haar man Henric van Essen.
1531 jun 24 (OA fol 16v)
Jan van Essen na de dood van zijn moeder Hylle, dochter van Ulrich Hoyer.
1553 jan 22 (OB2 fol 18)
Henrick van Essen, onmondig, na de dood van zijn vader Johan van Essen. Hulder Lucas van Essen.
1560 okt 10 (OC1 fol 86v)
Henrick van Essen.
1573 sep 4 (OC2 fol 18)
Herman van Essen na de dood van zijn broer Henrick van Essen.
1609 jul 5 (OC3 fol 88v)
Gertruidt van Enssen, weduwe van Alphert van Ysselmuiden, na de dood van haar broer Herman van Enssen. Hulder Roeloff van Ysselmuiden.
1625 mei 31 (OD2 fol 71v)
Maria van Isselmuijden, weduwe Van Langen, na de dood van haar moeder Gertruijt van Essen, weduwe Van Isselmuijden. Hulder Johan van Itterssum.

 

1525 jan 30 (BG fol 13)
Mechtelt, dochter van Christoffel Mulert, na diens dood. Hulder haar oom Herman Mulert.
1545 jan 10 (OB1 fol 26v)
Mechtelt, dochter van Christoffel Mulert. Hulder haar man Johan Rengers.
1557 mei 24 (OC1 fol 36)
Mechtelt, dochter van Christoffel Mulart. Hulder haar man Johan Rengers.
1566 jun 20 (OC1a fol 43v)
Mechtelt Mulers met lediger hand. Hulder Thyman de Goyer na de dood van haar man Johan Rengers.
1601 feb 15 (OC3 fol 37v)
Roeleff van Ysselmuiden na de dood van zijn grootmoeder Mechtelt, dochter van Christoffel Mulart.
1618 feb 11 (OD1 fol 71v)
Gerrit Hemminck, weesmeester, namens "de weesen binnen der stadt Zwolle" tot hun goede recht, zoals Mechtelt, dochter van Christoffel Moulart en vrouw van Johan Rengers, daarmee was beleend.

Christoffel Mulert X             Van Isselmuden X Mulert
                |                                |
Mechtelt Mulert         X       van Isselmuden         XX Johan Rengers
(1520-1600)       bef. 1540                                  bef. 1545

                                    Alphert van Isselmuden X Geertruid van Essen         
                                        (15xx-1582)          1578          (1550-1624)

                                                Roelof van Isselmuden